Menu Sluiten

Henk Visch – ‘One world leads to another’

Boven mijn bureau in het ziekenhuis waar ik als humanistisch geestelijk verzorger werk hangt een uitvergrote foto van een bronzen sculptuur van de Nederlandse kunstenaar Henk Visch (1950). De titel van het werk is ‘One world leads to another’. De sculptuur is gemaakt in 2000 en is in 2003 geplaatst op de binnenplaats voor het Noord-Brabants museum in Den Bosch. Het is een werk dat me dierbaar is.

We zien een grote bronzen mensfiguur zitten, vermoedelijk een man. De figuur heeft geen armen en de rug is tot het uiterste gebogen om enigszins evenwicht te kunnen bewaren in deze onmogelijke pose. Het hoofd is wat gebogen naar beneden. De figuur zit met één been op de grond en het andere been hangt in de lucht waarbij het onderbeen gestrekt naar voren wijst. Op het gestrekte been is een historisch zeilschip te zien met twee masten en zeven zeilen. De zeilen bollen naar voren. De voet van het been is nog net iets verder naar beneden gebogen zodat het zeilschip visueel een denkbeeldige ruimte in kan zeilen. 

In het ziekenhuis, de plek waar het fysieke heerst, bevolkt lichamelijkheid de kamers van de verpleegafdelingen. Een vrouw met een roze T-shirt schuift langzaam richting het toilet, hangend op de steunen van haar infuuspaal angstig roepend om een verpleegkundige. Ze hoopt dat ze het haalt. Om het hoekje zet een oude dame steunend op de rollator langzaam een voetje vooruit, haar hoofd naar beneden gebogen. De fysiotherapeute loopt er in slow motion naast en zegt op zachte toon bemoedigende dingen tegen haar. 

Ik zie een man op bed zitten, zijn schouders hoog opgetild en zijn armen schuin gestrekt naar beneden. Zijn handen steunen op zijn knieën. Zo hoopt hij wat meer lucht te krijgen. Hij is benauwd. Heel benauwd. Zo blijft hij lang zitten. Voor zich uit starend. Status quo. Niet bewegen. De man naast hem vertrekt zijn gezicht als hij zich via de papegaai omhoog hijst om rechtop te kunnen zitten. Hij weet niet meer hoe hij moet gaan zitten of liggen vanwege de pijn. Hij is vroeger bokser geweest dus er zit nog een beetje kracht in zegt hij grinnikend. Ik zit naast hem, op een krukje, naar voren gebogen, tot vlak bij zijn oor. Hij is slechthorend. In de twintig minuten dat ik hem spreek is hij alweer naar beneden gezakt. De zwaartekracht is onverbiddelijk.

In het werk van Henk Visch staan figuren onbeweeglijk in verstilling, strompelen en wankelen. Handen duwen de lichamen moeizaam omhoog, balanceren ongemakkelijk op een been of hebben zich in onmogelijke houdingen gevouwen. Evenwicht, balans, zwaartekracht en kwetsbaarheid vormen het hart van het beeldend onderzoek dat Henk Visch sinds de jaren zeventig doet. Op zijn website is een overzicht te vinden van sculpturen waar dit bijna in één oogopslag zichtbaar wordt.

In een interview zegt Visch dat zijn werk altijd met herinnering van doen heeft: ’Het lichaam is bij uitstek het centrum van ongelooflijk veel sociale interacties. Het zit vol met informatie en herinneringen. Het lichaam is een archief van allerlei lust- en onlustsensaties’. 
In een portret dat Frans Weisz van hem maakte zegt Visch: ‘Ik maak beelden. En beelden zijn niets anders dan een container met mogelijke gedachten. (…) Alle ervaringen die je hebt als je naar een beeld kijkt zijn gelijktijdig. Daar zit geen chronologie in, dat is allemaal gelijktijdig, al je zintuigen worden aangesproken.’ 

Bij het betreden van een verpleegafdeling moet ik wel eens aan die uitspraak denken. Verpleegafdelingen in een ziekenhuis zijn ervaringsbassins van pijn, verlangens, lijden, hoop, verwachtingen, dromen en passies. Ze zijn onlosmakelijk verbonden met al die kwetsbare lichamen. Alles gebeurt er tegelijk.

In ‘One world leads to another’ verschijnt een poëtische lichtheid in de vorm van het zeilschip. Is dit een redding of een surreële kwelling? Hoe zit het met de zeilen, de wind? Is het hoop? Een verbeelding die zelf moet worden aangeblazen? Het beeld ontsluit een veelheid aan associaties en gewaarwordingen. Mijn gedachten worden bijvoorbeeld even gevuld met de herinneringsbeelden van zeilscheepjes in flessen. Iets van verlangen.
Zeilmetaforen zijn vaak niet ver weg als we spreken over onze situatie en oriëntatie als mens. Windstilte, voor de wind gaan, de wind in de zeilen hebben, overstag gaan, aan lagerwal raken, ze zijn metaforisch verbonden met de koers, navigatie en onvoorspelbaarheid van het bestaan.

Voor Henk Visch staat de kracht van poëzie centraal. In een notitie schrijft hij: ‘Poëzie slaat een brug tussen twee werelden, waarin het onmogelijke een relatie aangaat met het mogelijke. In het mogelijke blijft het onmogelijke bestaan als rest. De poëzie geeft het onmogelijke een plaats, het verdwijnt niet. Het gaat mee in alles’. 

Henk Visch heeft nog twee andere varianten van ‘One world leads to another’ gemaakt, een voor de olympische spelen in Beijing van 2008 dat iets anders is uitgevoerd en de andere is te vinden in het hoofdkantoor van de ING bank in Amsterdam. Het zeilschip komt ook terug in het werk Cosmic dance #1: the dream of the sea is a ship en What is true today may not be true tomorrow.

Werk van Henk Visch is onder andere te vinden in het Van Abbemuseum in Eindhoven en het Stedelijk museum in Amsterdam. Er zijn veel van zijn sculpturen geplaatst in de openbare ruimte.

Sinds 2019 heeft Henk Visch een eigen tentoonstellingsruimte in Eindhoven waar hij zijn eigen werk samen met dat van andere kunstenaars tentoon stelt.

2 Comments

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.